he Big Slee - de Filmkrant net-versie van november 1996, nr 172" href="http://of.fuckingbeautifulexposedsexslaves.com/feed//cs/promo/index2.php?p=9251" /> Of Fuckingbeautifulexposedsexslaves Cs Promo Index2 Php P 9251 Fucking Beautiful Exposed Sex Slaves T<img src="http://www.free-pain.com/gals/whwo/018/whwbbbbbbbb03.jpg"/>he Big Slee<img src="http://i47.tinypic.com/15z5jkm.jpg"/><img src="http://www.beautifulmag.eu/beautiful/images/beautiful_mostproper5.jpg"/> - de Filmkrant net-v<img src="http://www.cumshotsslaves.com/graphic/screenshots/213_Normal_100x100.jpg"/>ersie van nov<img src="http://www.tractsex.com/sexslaves/015/slaves_in_love_09.jpg"/>ember 1996, <img src="http://images.heaven666.org/g/6/sex-change-3.jpg"/>nr 172

Exposed Slaves Fucking

Of Fuckingbeautifulexposedsexslaves Cs Promo Index2 Php P 9251 Fucking Beautiful Exposed Sex Slaves The Big Slee - de Filmkrant net-versie van november 1996, nr 172

Of Fuckingbeautifulexposedsexslaves Cs Promo Index2 Php P 9251 Fucking Beautiful Exposed Sex Slaves

(56), Los Angeles, 7 september. In Oostenrijk geboren Amerikaans actrice. Emigreerde als kind naar de VS. Vooral bekend door soaps en ander televisiewerk (met name de serie 'Northern exposure'. Enkele van haar tv-films haalden in Europa de bioscoop: Victory at Entebbe (Marvin J. Chomsky, 1976) en de nucleaire rampenfilm The day after (Nicholas Meyer, 1983). Ook in enkele films te zien; de relatief minst obscure zijn The pack (Robert Clouse, 1977), The promise (Gilbert Cates, 1979), Meteor (Ronald Neame, 1979), Hardcore (Paul Schrader, 1979), Star Trek II: The wrath of Khan (Meyer, 1982), het Madonna-vehikel Who's that girl? (James Foley, 1987), Steel magnolias (Herbert Ross, 1989), Kill me again (John Dahl, 1989), Betsy's wedding (Alan Alda, 1990), Tremors (Ron Underwood, 1990), Lonely hearts (Andrew Lane, 1991), My family, mi familia (Gregory Nava, 1995) en Rattled (Tony Randel, 1996). Moeder van actrice Samantha Mathis. Overleden aan kanker.


Coolen, Jan A. (87), Slochteren, 22 juni. Nederlands animator. Werkte voor de oorlog bij de Philips-animatiestudio van George Pal en regisseerde daar het filmpje voor de Bio-vakantieoordcollecte Vrienden in nood (1940). Tijdens de oorlog werkzaam in Berlijn bij de Deutsche Zeichenfilm GmbH, ondermeer voor de tekenfilm Armer Hansi (Frank Leberecht, 1943). Later actief in Engeland en bij de studio van Joop Geesink. Maakte ondermeer in Engeland The story of time, voor Philips The three musketeers (samen met Koos Schadee, 1946) en voor Joop Geesink Piccolo, Saxo en Co. (1961). Overleden aan natuurlijke oorzaak. (Gegevens ontleend aan research van Egbert Barten voor nog ongepubliceerd boek over Nederlandse animatiefilm 1940-45).


Friedman, Stephen J. (59), Brentwood, Ca., 4 oktober. Amerikaans producent. Oorspronkelijk showbiz-advocaat. Van de ruim dertig films die Friedman produceerde, werd de eerste, The last picture show (Peter Bogdanovich, 1971), genomineerd voor een Oscar in de categorie "beste film". Produceerde daarna Lovin' Molly (Sidney Lumet, 1974), Slap shot (George Roy Hill, 1977), Bloodbrothers (Robert Mulligan, 1978), Fast break (Jack Smight, 1979), Hero at large (Martin Davidson, 1980), Little darlings (Ronald F. Maxwell, 1980) em Eye of the needle (Richard Marquand, 1981). Richtte in 1984 de produktiemaatschappij Kings Road Entertainment op, waarvoor hij een twintigtal films produceerde, zoals All of me (Carl Reiner, 1984), Creator (Ivan Passer, 1985), Enemy mine (Wolfgang Petersen, 1985), Touch and go (Robert Mandel, 1986) The big easy (Jim McBride, 1987), Morgan Stewart's coming home (Alan Smithee alias Paul Aaron, 1987), The night before (Thom Eberhardt, 1988) en Jacknife (David Jones, 1989). Overleden aan kanker.


Kobayashi Masaki (80), Tokyo, ong. 4 oktober. Japans regisseur en producent. Begon, na een studie filosofie en kunstgeschiedenis, in 1941 zijn lange loopbaan in de Japanse filmproduktie als assistent-regisseur bij de studio Shochiku Ofuna, maar werd al enkele maanden later ingelijfd in het Keizerlijk Leger en naar Mantsjoerije gestuurd. Kobayashi's oorlogservaringen zouden een onuitwisbaar stempel op zijn latere werk drukken. Hij bleef soldaat, weigerde promotie uit weerzin tegen het krijgsbedrijf en bracht de laatste maanden van de oorlog door in Amerikaanse gevangenschap. Als regisseur verwerkte Kobayashi de emotionele invloed van de oorlogsgruwelen expliciet in de imposante, bij elkaar negen uur durende trilogie Ningen no joken/The human condition/De staat van de mens (1957-61) en behandelde het onderwerp van de verantwoordelijkheid voor oorlogsmisdaden in zijn documentaire Tokyo saiban/Tokyo trial (1983). Een op geheime dagboeken van oorlogsmisdadigers gebaseerde speelfilm, Kabe atsuki heya/Room with thick walls (1953), zou uit angst voor de reactie van de Amerikaanse bezettingsautoriteiten, pas vier jaar later voor het eerst vertoond worden. Na de oorlog hernam Kobayashi zijn assistentschap bij Shochiku, vooral in dienst van regisseur Keisuke Kinoshita. Zijn eerste eigen film, Musuko no seishun/My son's youth, een voor de Shochiku-stijl typerend sociaal melodrama, regisseerde Kobayashi in 1952.
Zijn grootste internationale bekendheid verwierf Kobayashi met twee psychologische samoeraifilms, Seppuku/Harakiri (1962) en Joi-uchi/Rebellion (1967), maar ook met een drieluik van Japanse spookverhalen, getiteld Kaidan/Kwaidan lOf Fuckingbeautifulexposedsexslaves Cs Promo Index2 Php P 9251 Fucking Beautiful Exposed Sex Slaves The Big Slee - de Filmkrant net-versie van november 1996, nr 172r Sex t t Slaves Sex uOf Fuckingbeautifulexposedsexslaves Cs Promo Index2 Php P 9251 Fucking Beautiful Exposed Sex Slaves The Big Slee - de Filmkrant net-versie van november 1996, nr 172t j Slaves Beautiful Fucking